KNMT lid van VZVZ: mondzorg hoopt op stroomversnelling van digitalisering
Als praktijkhoudend tandarts ervaart Rinke dat behandelingen ‘stroef’ kunnen aanvoelen doordat patiënt en mondzorgverlener niet goed begrijpen dat de huidige digitale gegevensuitwisseling nog niet altijd probleemloos en gemakkelijk verloopt. ‘Een patiënt stuurt vanaf het strand vakantiefoto’s naar oma, maar als een tandarts een röntgenfoto van een kaakchirurg wil bekijken, kan dat alleen met behulp van een usb-stickje van de patiënt. Digitaal een actueel medicatieoverzicht van de patiënt inzien, is voor mondzorgverleners evenmin mogelijk. Terwijl dat voor een behandeling relevante informatie kan bevatten die de patiënt niet per se paraat heeft. Of iemand bloedverdunners slikt, moeten wij weten bij het trekken van een element, bijvoorbeeld. Veilig digitaal medicatiegegevens uitwisselen komt de kwaliteit van zorg, het werkplezier en de efficiency ten goede. Onze huidige manier van werken is foutgevoelig en kost veel tijd.’
Rinke somt de gegevensuitwisselingen op die met voorrang moeten worden opgepakt. ‘Digitale inzage in medicatiegegevens, dat als eerste. Digitaal doorverwijzen is ook van belang, net als het uitwisselen van grotere röntgenbeelden met collega’s. Digitaal voorschrijven speelt bij ons minder, maar willen we ook regelen. We willen kortom de digitale gegevensuitwisseling binnen de eigen sector en met andere sectoren verbeteren.’
Eerste doel: medicatieoverdracht beproeven in ouderenzorg
Adviseur ICT Martin Rozeboom: ‘Digitale inzage in de medicatiegegevens van patiënten, dát willen we als eerste realiseren. Als mondzorgsector doen we niet mee aan de Kickstart van het Medicatieprogramma, maar we zijn druk bezig met het organiseren van een kleinschalige aanvullende beproeving. In deze pilot gaan we onderzoeken wat ervoor nodig is om een aantal tandartspraktijken aan te laten sluiten op het LSP en zo digitaal inzage te krijgen in het medicatieoverzicht van ouderen binnen een instelling voor ouderenzorg. Werkt het, wat zijn de knelpunten, houden onze systemen het? Voor de zomer willen we een plan maken en dat in het eerste halfjaar van 2027 uitvoeren, met ondersteuning van VZVZ en Nictiz die over de juiste kennis en ervaring beschikken.’ Waarom met ouderen wordt gestart? Martin: ‘Zij gebruiken vaak meerdere medicijnen.’ Rinke ziet ook een zorginhoudelijk voordeel, zeker bij deze doelgroep. ‘Soms heeft een bepaalde combinatie van medicijnen gevolgen in de mond, zoals een droge mond. Een mondzorgverlener kan - zodra hij over de juiste gegevens beschikt – meedenken over een oplossing. Mondzorg wordt zo steeds meer een integraal onderdeel van de gezondheidszorg als geheel en dat komt de patiënt ten goede. Want mondgezondheid heeft een relatie met de algehele gezondheid.’
Tijdens de aanvullende beproeving informeert de KNMT haar leden over de meerwaarde van de gegevensuitwisseling medicatieoverdracht voor patiënt en zorgverlener. Daarna sluit naar verwachting een groter deel van de beroepsgroep aan.
Voorbereiden op wat er aankomt
Waar het gaat om de voorbereiding op toekomstige ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving, ziet de KNMT dat VZVZ een belangrijke taak heeft. Martin: ‘Wat er momenteel vanuit bijvoorbeeld de Wegiz en EHDS op ons afkomt, is voor ons als beroepsorganisatie erg omvangrijk. Daarbij kan VZVZ ook ondersteuning bieden.’
Hij schetst hoe VZVZ haar rol concreet invult en hoe de KNMT dat de afgelopen maanden heeft ervaren. ‘Met sectorlead Monique Bomers heb ik een goede samenwerking. Zij heeft veel kennis van wat er speelt aan onze kant én aan de kant van VZVZ. VZVZ zorgt voor een goede vraagarticulatie vanuit de beroepsorganisaties richting de softwareleveranciers. Ook op het gebied van het delen en ophalen van informatie vind ik dat zij goed werk doen. Op de VZVZ-ledenbijeenkomsten en netwerkdagen bijvoorbeeld wordt interessante, actuele informatie op een goede manier uitgewisseld. Op die manier wordt onder meer input opgehaald voor het jaarplan.’
Meepraten en meerwaarde
De KNMT is met haar lidmaatschap van VZVZ niet alleen op zoek naar expertise, producten en diensten. Zij neemt nu actief deel aan besprekingen over zorgcommunicatie. Martin: ‘Bij veranderingen zitten wij als mondzorgsector nu aan tafel, we zijn erbij wanneer afstemming nodig is. We praten mee, ook met de andere beroepsorganisaties. Samen bespreken we wat voor ons van belang is en overleggen we over de eisen die worden gesteld. Elk voor zijn eigen achterban en samen voor de zorg als geheel. We bepalen daarbinnen onze eigen positie en hopen onze inbreng te hebben. Steeds met het belang van de patiënt op ons netvlies en vanuit het besef dat digitalisering geen doel op zich is, maar een middel om de zorg verder te brengen.’
Rinke: ‘Het VZVZ-lidmaatschap moet van meerwaarde zijn voor onze leden en patiënten. We zijn daar positief-kritisch aan begonnen, maar uiteindelijk moet het ook iets opleveren.’
Samenwerking met leveranciers stroomlijnen
Een belangrijk voornemen dat Rinke tenslotte noemt voor de sector zelf is het beter stroomlijnen van de samenwerking met de leveranciers van tandartsinformatiesystemen (TIS-en). ‘Alle functionaliteiten waaraan we gaan werken moeten uiteindelijk overal tegelijk beschikbaar komen. Dat vraagt om een meer gestructureerde manier van samenwerken met onze TIS-leveranciers, een samenwerking waarin we de zaken samen prioriteren, mede aan de hand van de Wegiz en EHDS.’